treurnis op de kermis

Hannah van Wieringens debuutroman De kermis van Gravezuid staat op de longlist van de Gouden Boekenuil. Meteen een erkenning die het suggestieve boek verdient.

De auteur: een Nederlandse debu­tante met pers­ en theaterervaring die met haar eerste roman de long­list van de Gouden Boekenuil haalt. Het boek: zoomt in op de persona­ges op een dorpskermis, houdt het midden tussen een roman en een verhalenbundel.

ONS OORDEEL: veelbelovend origineel

Gravezuid, een fictief Nederlands dorp, maakt zich op voor de jaarlijkse kermis. Het wordt naar goede ge­woonte een volksfeest met een fol­kloristisch partijtje katknuppe­len, een playbackshow en veel drank. Hannah van Wieringen zoomt in de aanloop van de ker­mis in op de dorpelingen, een ver­zameling geknakte zielen en bral­lerige tieners met vlassige snorre­tjes die op tractors rijden. Maar zoals wel vaker het geval in volkse dorpen, die bevolking is niet zo homogeen als je op het eerste ge­zicht zou denken.

Dorpslevens

In elf korte hoofdstukken maak je kennis met de kermisgangers en hun vaak treurige kern. Een tie­nermeisje dat tevergeefs droomt van de kantinebaas die zijn hart verpand heeft aan een postorder­ bruid. Een frituuruitbater die zich van zijn stuk laat brengen door een gammel spookhuisje op de kermis. Een mongooltje dat, na het afscheid van een overreden haas, de tuin bezaait met kruisjes ‘voor alles’.

In De kermis van Gravezuid zijn de dingen vaak een tweede blik waard. Een kunstenaar die hals­ overkop zijn molen verkoopt, lijkt niet onrustbarend, maar de titel ‘Zij die gaan sterven groeten u’ doet anders vermoeden. Een defti­ge onderwijzeres, die sinds de dood van haar man alle graven op het kerkhof onderhoudt en nog el­ke dag een glaasje jenever met hem deelt, laat ‘per ongeluk’ haar kamerjas openglijden, met haar buurmeisje voor de deur. Is dat een radicale daad om haar ver­driet te doorbreken of schuilt er meer achter?

De kermis van Gravezuid ambi­eert geen overzicht. Het boek houdt het midden tussen een ro­man en een verhalenbundel. De verschillende hoofdstukken ha­ken hier en daar wel in elkaar, maar vormen geen eenheid. Van Wieringen focust kort op een le­ven om dan weer weg te zwenken. De verhalen duren precies lang ge­noeg om een zweem van mysterie op te wekken en zijn tegelijkertijd kort genoeg om de banaliteit van het dorpsleven op te schorten.

Porem

Van Wieringen schrijft in gulzige, dansende zinnen die je in het ver­haal zuigen. De formuleringen zijn niet altijd even nauwkeurig, maar dat vergeef je haar graag. Ook is de taal soms wat te Hol­lands – het merendeel van de Vla­mingen heeft allicht een woorden­boek nodig om te weten dat ‘po­rem’ gezicht betekent – maar zelfs dat draagt bij tot de sfeer door af­stand te scheppen tussen de lezer en de personages in hun afgezon­derde gemeenschap. Je moet er geboren zijn om er echt bij te ho­ren. Wie geen klinkende naam als Botschuijver, Koedoder of Duin­maijer heeft, zal altijd ‘die van bui­ten’ blijven en wordt nooit hele­maal opgenomen in de gesloten cirkel. ‘Alsof van elders komen niet kan worden vergeven.’

De verhalen duren precies lang genoeg om een zweem van mysterie op te wekken

De kermis van Gravezuid is een veelbelovend debuut. Hannah van Wieringen beheerst haar verha­len. Ze ontwikkelde al een origine­le stijl en kan met een handvol de­ tails en in een beperkt aantal zin­ nen een suggestieve, kolkende we­reld scheppen.

Die kwaliteit ontging ook de jury van de Gouden Boekenuil niet. Het boek belandde op de longlist met de twintig beste boeken van 2012.   – MARIA VLAAR