de boekenkast van

Toneelschrijfster Hannah van Wieringen debuteerde eind vorig jaar met de verhalenbundel De kermis van Gravezuid. ‘Een boekenkast is een schatkist én ballast.’

‘Vorig jaar kreeg ik voor mijn verjaardag een iPad. Ha, dacht ik, eindelijk kunnen de boeken eruit, vanaf nu alles op die iPad. Een boekenkast is een kamervullende verzameling stemmen en meningen. Het leidt af. Een bureau, een stoel, een laptop – een kale bedoening, dat is fijn. Het geeft ruimte aan je eigen stem. Maar helaas bleek dat lang niet alles is gedigitaliseerd en zeker niet de poëzie die ik wil lezen. Dus blijft voorlopig deze, van een vriend geleende, boekenkast in de woonkamer staan. Daarnaast heb ik in de slaapkamer een hoge toren gebouwd van boeken die echt belangrijk zijn. Oek de Jong ligt er en Virgina Woolf, Tsjechov, Salinger, Malamud, Truman Capote en niet te vergeten Dylan Thomas. Het is een eerbetoon aan de schrijvers die ik bewonder, een totempaal van boeken.

‘Het gekke is dat ik me regelmatig voorneem de boeken in de gang te stallen, uit het zicht, voor meer stilte in de woonkamer, maar tegelijkertijd betrap ik mezelf erop dat ik soms schetsjes zit te maken van inbouwkasten, voor het geval die vriend zijn kast terug wil. Ik vind boeken ballast, ik hoef ze niet zo nodig te bezitten, maar een huis zonder boeken gaat niet. Als ik bij mijn moeder ben, vind ik het altijd bijzonder om te kijken hoe haar boekenkasten, die ik zo goed ken, zich ontwikkelen. Wat ze leest en wat verdwijnt. Een boekenkast is dus ook een schatkist, een schat met een verleden en een toekomst.

‘Mooie herinneringen heb ik aan de bibliotheekbus die wekelijks het dorpje aandeed waar ik ben opgegroeid, elke week een bus vol verse boeken, die ook weer weggaan, zo zou het moeten zijn. Of nog beter: naast een bibliotheek wonen. Dan kun je de boeken bezoeken. Net zoals een theater is een bibliotheek een plek waar je samen met anderen kunt zwijgen, een collectieve ervaring kunt delen.

‘In een boekenkast zouden eigenlijk niet meer dan vijftig boeken mogen staan. En dan lezen en herlezen, tot ze door je aderen vloeien. Nog leuker wordt het als mijn vrienden dat ook doen. Ik kan niet wachten om te kijken wat er dan in hun kast staat.’

Welke vijftig boeken kies je?
‘Poëzie, veel poëzie, poëzie is nooit ballast. Lucebert, Menno Wigman, Anna Achmatova, Jotie T’Hooft, ken je die niet? ‘De mens is een naald, op zoek naar een ader.’ Vlaamse dichter, bloedmooie jongen ook, helaas jong overleden.

‘Siddharta van Herman Hesse krijgt ook een plek. Ik kreeg het van een vriendje, ik was 17. Overdag van Anna Blaman, van mijn eerste vriendinnetje. Boeken om nog altijd te herlezen. Virgina Woolf, zeker ook. Ik bewonder haar moed onaf en open te schrijven. En Dylan Thomas. Van wie ik in mijn roman een citaat uit Under Milk Wood als motto heb genomen: ‘Time passes. Listen. Time passes. Come closer now. Only you can hear the houses sleeping in the streets in the slow deep salt and silent black, bandaged night.’

‘Een wonderschone schrijver, zijn taal wiegt en wenkt. Ik houd zo van zijn precieze taalgebruik. Misschien is het niet ingewikkeld om die vijftig boeken te kiezen, ik pak gewoon de boekentoren uit de slaapkamer en zet die in de kast.’

-Gert Hage

fotografie mike roelofs